De coronacrisis heeft de economie van de Metropoolregio Amsterdam (MRA) flink geraakt. In de weg terug omhoog kan juist de duurzaamheidssector zich ontwikkelen tot een belangrijke banenmotor. De kansen liggen voor het oprapen, vindt Hans Snijders, lid van de stuurgroep MRA Green Deal. “Versneld inzetten op circulair inkopen zie ik als een eerste grote stap.”

Hans Snijders, tot voor kort voorzitter van College van Bestuur van het NOVA-college, en lid van de Amsterdam Economic Board, is optimistisch over de mogelijkheden tot duurzaam economisch herstel. “Neem alleen al de vele initiatieven op het gebied van circulair inkopen.” Om die te benutten, raadt hij aan goed te kijken naar wat werkgevers kunnen betekenen. “Maak dat aanbod zichtbaar voor de inkooporganisaties. Ook vanuit mijn ervaring binnen het onderwijs vind ik dit een mooie kans om de mouwen voor op te stropen.”

Nu oppakken
Snijders ziet overigens meer mogelijkheden om circulaire ontwikkelingen te versnellen. “Dan denk ik met name aan het bewerkstelligen van verbeteringen in de afvalverwerking, met name aan de voorkant. Wijs bedrijven die textiel verkopen bijvoorbeeld op de mogelijkheden om over te stappen op stoffen die minder energie vragen en beter te recyclen zijn. Hetzelfde geldt voor andere bedrijfstakken.” Soortgelijke kansen ziet hij op energiegebied. “Dan denk ik allereerst aan het aanjagen van duurzame mobiliteit en de ontwikkeling van energielandschappen. Weliswaar gaat het dan meestal om programma’s met een lange adem, maar die moet je nu oppakken. De winst betaalt zich later vanzelf wel uit.”

Hans Snijders: “Duurzaamheid leeft binnen onderwijskringen in de metropoolregio”

Onderwijs wil wel
Om dezelfde reden pleit Snijders voor het maken van verbindingen met het onderwijs. “Zorg ervoor dat wat je op duurzaamheidsgebied wilt bereiken, neerdaalt in jongerenprogramma’s. En trek op met universiteiten en hogescholen zodat zij het onderwerp veel nadrukkelijker oppakken dan nu gebeurt. Bijvoorbeeld door hun studenten in hun onderzoeken en afstudeerprojecten te enthousiasmeren voor duurzaamheidsonderwerpen.”

Zelf heeft Snijders al een aantal grote onderwijsorganisaties hierover benaderd. Met succes. “Duurzaamheid leeft binnen onderwijskringen. De eerste toezeggingen zijn binnen. Het Regio College heeft interesse om deel te nemen. Hetzelfde geldt voor de Dunamare Onderwijsgroep in Haarlem en Hoofddorp en – over de MRA-grens heen – het Horizon College in Alkmaar en Hoorn. Goed voorbeeld doet dus goed volgen.” Hij merkt sowieso dat collega’s in het onderwijs graag meedenken. “Laten we hen daarom vooral meenemen in hoe we stappen op dit gebied het beste kunnen zetten. En welke rol ze zelf kunnen spelen als onderdeel van de onderwijsketen. In hun lessen, maar ook als het gaat om huisvesting. Ik constateer dat er een grote bereidheid is om hier samen werk van te maken.”

Snijders wijst in dit verband met nadruk op het bieden van kansen aan mensen die als gevolg van de coronacrisis hun werk zijn kwijtgeraakt. “Laten we programma’s maken om hen versneld om te scholen. Ook daarmee investeren we in duurzaamheid.”

Lef tonen
Voor de MRA  in samenwerking met de Amsterdam Economic Board ziet hij met name een rol weggelegd in het koppelen van instellingen, bedrijven en overheden. “Ondersteun hun duurzaamheidambities met adviezen en waar nodig met financiële middelen. Maar houd het wel concreet. Hoe helderder je het kunt maken, des te beter het gaat werken. Verder moeten we lef tonen. Het mag ook wel eens een keer mis gaan, want samenwerken is nu eenmaal ingewikkeld. Dat betekent dat je hierin moet investeren. Sla de handen ineen met de onderwijsketen en het bedrijfsleven. Kom gezamenlijk tot heldere keuzes en werk die goed uit. Daarmee creëren we een vruchtbare basis om meters te maken. En dat is hard nodig om inderdaad duurzaam uit de crisis te komen. De Metropoolregio Amsterdam verdient het dat we dit goed doen.”