‘Hét netwerk van organisaties met wie je samenwerkt aan de Metropool van Morgen’! Aldus luidt een opvallende slogan op de website van Amsterdam Economic Board.  Maar liefst bijna acht jaar gaf Nina Tellegen als directeur-bestuurder leiding aan de netwerkorganisatie die zich inzet voor het realiseren van een slimme, groene en gezonde Metropool Amsterdam. “Je hebt de regionale schaal nodig om meters te maken als het gaat om werk te maken van de circulaire economie en de energietransitie.” Onlangs zwaaide ze af om als ZZP-er een nieuwe invulling te geven aan het leveren van een bijdrage aan de regio.

Amsterdam Economic Board bestaat uit topbestuurders van bedrijven, kennisinstellingen en overheden uit de Amsterdamse regio. Daarnaast zijn personen lid die een belangrijke bijdrage leveren aan het gesprek over de toekomst van de regio en nauw betrokken zijn bij maatschappelijke opgaven.

Ecomodus
Welke activiteit laat goed de meerwaarde van haar organisatie zien? “Een mooi voorbeeld is LEAP, een programma dat zich richt op het verduurzamen van de digitalisering infrastructuur.” In eerste instantie richtte de aandacht zich op het op ecomodus zetten van de servers van bedrijven. “Zonder noemenswaardige inspanning of kosten bespaar je hiermee al zo’n 10-12% energie.” De nationale Coalitie Duurzame Digitalisering (NCDD) is uit dit initiatief van Amsterdam Economic Board voortgekomen. “Echt een mooi voorbeeld van iets wat bij ons klein begonnen is en een hele beweging is geworden.” Inmiddels is LEAP uitgegroeid tot een zelfstandige organisatie met de focus op het integreren van energie-efficiënte innovaties in het energiesysteem. Dit gebeurt met gebruikmaking van circulaire materialen. “Zo zijn er meer voorbeelden, en dat vind ik het mooie, die bij ons begonnen zijn om vervolgens zelfstandig nog veel meer meters te maken.”

‘Amsterdam Economic Board bundelt de kennis,
ervaring en veranderkracht in de regio’

Circulair Textiel
Circulair textiel is een onderwerp dat bij het afzwaaien van Tellegen zeker niet ongenoemd mag blijven. Rond dit onderwerp heeft Amsterdam Economic Board onder leiding van voormalig milieuminister Jacqueline Cramer een grote coalitie in gang gezet. “Veelal gebeurde dit in nauwe samenwerking met de MRA. Er zijn allerlei lijnen ontwikkeld om hier meer werk van te maken, variërend van werkkleding, hotellinnen en optimalisatie van de inzameling tot het opzetten van een United Repair Center. Hieruit is vervolgens de Green Deal Circulair Textiel voortgekomen.” Tal van bedrijven, overheden en kennisinstellingen hebben de Deal ondertekend. De lat is hoog gelegd: al in 2030 moet de textielsector in de regio voor 70 procent circulair zijn. “Op dit gebied lopen we als regio voorop in Nederland.”

Nina Tellegen: “Zorgen voor schone lucht kunnen overheden niet alleen”

Brede basis
Hoe verklaart zij het succes van Amsterdam Economic Board? “Van belang is onze brede basis. “We bundelen de kennis, ervaring en veranderkracht van het bedrijfsleven, de overheid, kennisinstellingen en inmiddels ook maatschappelijke organisaties.” Tellegen ervaart dat de rol van kennisinstellingen veel bijdraagt aan het succes.Met name de Hogeschool van Amsterdam is bij vrijwel alle activiteiten betrokken. Dat heeft ook te maken met het feit dat de mensen die deze opleidingen volgen wetenschappelijke kennis praktisch inzetten. Daardoor zijn er allerlei haakjes.” Illustratief in dit verband is het programma Amsterdam Smart City. “Ook de Universiteit van Amsterdam en de Vrije Universiteit zijn bij veel initiatieven betrokken.” Wat wel beter kan is de aanhaking van het ROC. “Dat lukt wel bij onze arbeidsmarktinitiatieven, maar verder is er helaas nog weinig betrokkenheid. Jammer, want bij allerlei activiteiten van Amsterdam Economic Board zijn MBO-ers ongelofelijk belangrijk.”

Hobbel
Amsterdam Economic Board werkt intensief samen met de MRA. “Dat verloopt over het algemeen goed. We weten elkaar te vinden en de lijntjes zijn kort. We vullen elkaar goed aan. En het goede van de regio is dat, mochten we het ergens over oneens zijn, we de plooien altijd weer snel glad weten te strijken. Lastig is overigens soms wel dat wij iets beginnen en dit vervolgens willen overdragen. Amsterdam Economic Board is namelijk geen projectmanagementorganisatie. Daar hebben we de mensen en de competenties niet voor.” Tot haar spijt blijkt het doorgeven van het stokje in de praktijk vaak lastig. “Iedereen wil wel meedoen, maar deinst nog te vaak terug als het gaat om het daadwerkelijk oppakken van de verantwoordelijkheid voor een onderdeel. Dat geldt voor zowel bedrijven, kennisinstellingen als overheden.”

Wendbaarheid
Tellegen benadrukt dat Amsterdam Economic Board vooral sterk is als het gaat om het initiëren van initiatieven rond onderwerpen waar nog weinig aandacht voor is, maar die wel urgent zijn voor de regio. “Wij zijn pragmatisch en flexibel. Dat botst nog wel eens met mensen uit ambtelijke organisaties die gewend zijn om volgens vaststaande processen in stapjes te opereren. Iets meer wendbaarheid zou fijn zijn.” Een misverstand is dat velen denken dat ook Amsterdam Economic Board een ambtelijke organisatie is. Ten onrechte, benadrukt Tellegen. “Wij zijn een stichting met een eigen bestuur en Raad van Toezicht. Onze circa dertig medewerkers zijn gewend om snel en zakelijk te werken. Dit kwartje is nog lang niet overal gevallen. Zo denkt de gemeenteraad van Amsterdam bijvoorbeeld telkens weer dat ze kunnen bepalen wat wij wel of niet moeten doen.”

Een voorbeeld hoe dit kan leiden tot miscommunicatie is een recente motie van de Amsterdamse raad waarin de Board werd opgeroepen de samenwerking met Shell te stoppen. “In mijn ogen overigens een onverstandig signaal. Om de doelen van de energietransitie te verwezenlijken, hebben we iedereen nodig en zeker de grote spelers op energiegebied. Door een organisatie binnen boord te houden, heb je hier directe lijnen mee. Dat helpt om in dit geval Shell te bewegen de investeringen in fossiel stop te zetten en duurzame investeringen juist te versnellen. We hebben iedereen nodig. Je moet ze niet zien als de vijand. Als Shell laat zien dat ze de energietransitie niet langer serieus neemt  en ze zich weer helemaal op fossiel gaat richten, dan moet je ze daarop aanspreken. Pas als er vervolgens niets verandert moet je de samenwerking heroverwegen.”

‘Wij zijn pragmatisch en flexibel.
Dat botst wel eens met ambtelijke processen’

Aandachtspunten
Hoewel de banden tussen Amsterdam Economic Board en MRA zoals gezegd al nauw zijn, hoopt Tellegen dat de gezamenlijkheid de komende jaren nog meer toeneemt. “Zorgen voor zaken als een schone lucht en het in gang zetten van de omslag naar een circulaire economie kunnen overheden niet alleen. Daar heb je andere partijen voor nodig. Gebruik de Board als plek waar vanuit die gelijkwaardige samenwerking dat gesprek wordt gevoerd. Valkuil daarbij is dat niet iedereen volwaardig meedoet. Als dat gebeurt zal je elkaar in de Board daarop moeten aanspreken. We moeten het echt samen doen in de regio, waarbij iedereen zijn of haar verantwoordelijkheid neemt.”

Als tweede aandachtpunt noemt Tellegen de rol van het bedrijfsleven. “Die hebben niet iets als een gezamenlijke agenda met een bureau om die uit te voeren. Dit maakt het voor hen soms lastiger om gezamenlijk mee te doen aan initiatieven.” Omgekeerd heeft Amsterdam Economic Board niet altijd zicht op de agenda’s van al die individuele spelers binnen de Board. “Wat zijn bijvoorbeeld de speerpunten van Ahold, Alliander, Philips, de Haven, Shell, Tata, noem maar op? Zet je al hun plannen naast elkaar, dan zul je ongetwijfeld zien dat er veel overlap zit, iedereen wil immers verduurzamen.”

In 2024 zullen de leden van de Board een beperkt aantal speerpuntonderwerpen kiezen waarop coalities zijn te bouwen. “Met Board-leden in de lead, of dat nu een overheid, een bedrijf, kennisinstelling of maatschappelijke organisatie is. Mijn opvolger gaat hier de komende tijd mee aan de slag. Dit heeft bovendien hopelijk als nevenvoordeel dat de huidige dominantie van de overheden vermindert. De verduurzaming van de Metropoolregio Amsterdam is hiermee gebaat, dat weet ik zeker.”

‘Regionale schaal is nodig om werk te maken
van de circulaire economie en de energietransitie’

MRA Agenda
Wat vindt Tellegen tot slot van het besluit om duurzaamheid niet als apart hoofdstuk maar als doorsnijdend thema in de nieuwe MRA Agenda op te nemen? “Op zich valt daar veel voor te zeggen, maar het gevaar is dat het vervolgens van niemand is. Duurzaamheid is gelukkig voor de meeste partners inmiddels zo’n belangrijk punt dat het niet snel vergeten zal worden. Wees echter wel steeds alert of het overal voldoende op het netvlies staat en er concrete acties aan verbonden zijn, zodat het niet ergens in een hoekje langs de zijlijn dreigt te belanden. Daarom ben ik wel voorstander om het clubje in stand te houden dat nu de vinger wat betreft duurzaamheid aan de pols houdt.” Op de vraag naar haar toekomstwens op dit gebied aarzelt ze geen seconde. “Blijf vooral de samenwerking in de regio opzoeken. Je hebt de regionale schaal nodig om meters te maken als het gaat om werk te maken van de circulaire economie en de energietransitie.”

Vanaf januari neemt Jessica Peters-Hondelink het stokje van Nina Tellegen over. “Ik wil veel voortzetten met ook een eigen stijl. De verbindende rol meer zichtbaar maken bijvoorbeeld. Besluiten langs de lat van brede welvaart leggen en de stem van de toekomst goed horen met Young on Board.”